De hunningdaenker / De honingdenker

Jaar: 1999 
Categorie: figuratieve sculptuur
Locatie: de Brink
Plaats: Makkinga, Friesland
Ruimte: openbare ruimte algemeen
Materiaal: brons
In opdracht van: Stichting In Verbelinge
Begeleider: Praktijkbureau Beeldende Kunstopdrachten (nu SKOR)

‘Vier tieden duurde hunning maeken; Veurjaor, Zoemer en Naojaorsdracht.’ Een regel uit het gedicht ‘de hunnindaenker‘, dat Anke Hoornstra (1958) in 1988 schreef. Dit gedicht, geschreven in het Stellingwerfs, inspireerde de Belg Carlo Mistiaen (1965) tot het maken van een bronzen beeldje van een jongenshoofd: ‘De honingdenker’. Het maken van honing is een activiteit die al zo’n honderd jaar plaatsvindt in Oost-Stellingwerf en met de komst van het beeldje is dit proces nu ook te ‘hóren’. Wie plaatsneemt op het bankje dat er voor staat hoort uit de mond van de jongeling bijengezoem. Dit wordt veroorzaakt door een continue telefonische verbinding met een bijenkorf buiten het dorp. De activiteiten van de bijen zijn zo ‘live’ te volgen. Naast de dagelijkse werkzaamheden is eens per jaar het zogeheten ‘tuten’ en ‘kwaken’ te horen, het moment waarop de koningin uitvliegt en een partner kiest uit de helft van het bijenvolk dat haar volgt. Het kiezen van een partner lijkt ook van toepassing op de jongen die, in de bloei van zijn leven, op het punt aankomt de ‘koningin in zijn leven’, zijn moeder, te moeten ruilen voor een andere vrouw. De titel van het werk is in drie talen – Frans, Stellingwerfs en Fries – op de sokkel te lezen. Mistiaen werd op basis van zijn affiniteit met taal en poëzie en de verhalende vorm van zijn werk door de stichting In Verbelinge uitgenodigd een kunstwerk te maken dat zou aansluiten bij de Stellingwerver taal en cultuur. Met werken als ‘De honingdenker’ wordt een poging gedaan de eigen identiteit van het in Friesland gelegen Stellingwerf te benadrukken. (AvdB)


foto:   SKOR